Heb jij een favorietje?

Elke ouder heeft een favoriet kind, beweert journalist Jeffrey Kluger in zijn nieuwste boek. Toegegeven, dat was mijn grootste vrees toen ik zwanger was van Myrddin. Zou ik ooit iemand zo graag kunnen zien als Tristan? Komt het tweede kind niet altijd op de tweede plaats? Maar toen kwam Myrddin. In de postnatale roes leek het alsof hij en ik de enigen waren op deze wereld. Het was Tristan die even naar de tweede plaats werd geschoven. Ik maakte me zorgen, daar op het kraambed: hield ik meer van Myrddin dan van Tristan?

Toen keerden we huiswaarts en nam alles terug gewone proporties aan. Het evenwicht herstelde zich. Tristan en Myrddin zijn even belangrijk. En eerlijk, tot op heden heb ik geen voorkeur voor één van beiden. Ze zijn verschillend, maar ik zie ze allebei oprecht even graag.

Wel merk ik dat ik neig naar één van beiden als ik intensief en individueel met hen bezig ben. Als ik dagje alleen ben met Tristan, dan lijkt het alsof Myrddin niet bestaat en staat Tristan helemaal in het middelpunt. Maar het is evengoed andersom. En kom, wees eerlijk, als één kind je het bloed van onder de nagels haalt, dan is het toch vanzelfsprekend dat je voorkeur eventjes naar de andere gaat. Maar dat wordt bepaald door tijdelijke factoren, in de fond zie je ze alletwee even graag.

Kluger zegt dat voorkeur ook bepaald wordt door de mate waarin je eigenschappen van jezelf herkent in je kind. Hoe meer ze op je lijken, hoe liever je ze hebt. Het ding is, ik herken in beiden dingen van mezelf. Stefaan vindt dat vooral Myrddin veel van me weg heeft, en uiterlijk is Myrddin inderdaad een klein Nikeetje. Maar ook Tristan heeft trekjes van mij. Het zijn mengelingskes van ons, alletwee. Ik moet wel toegeven dat het fijn is om dingen van jezelf terug te vinden in je kinderen. Als het leuke dingen zijn, tenminste. Ik ben er allerminst trots op dat de kinderen mijn eczema hebben geërfd. Maar ik was in de wolken toen ik hoorde dat Myrddin mijn bloedgroep heeft 😉

Enfin, 95% van de ouders heeft dus een favoriet kind. Tot nu toe mag ik mezelf bij de overige 5% rekenen. Er rust een gigantisch taboe op toegeven dat je een lievelingetje hebt. Stel je voor dat het je kinderen ter ore komt! En toch denk ik dat het in zekere zin natuurlijk is. Logisch toch dat je je aangetrokken voelt tot diegene met wie je het meest verwantschap voelt? Al denk ik dat dit pas in de tienerjaren van je kinderen tot uiting komt, als hun karakter en interesses zich echt beginnen te ontwikkelen. Conclusie: ik veroordeel dus niemand die wel een favorietje heeft, want misschien overkomt het me later toch ook. Aanvaarden lijkt me in dat geval de gezondste oplossing. Al moet je er wel naar blijven streven dat iedereen gelijk wordt behandeld en evenveel liefde krijgt. Het geeft stof tot nadenken hé, zoiets?

Advertenties

9 gedachtes over “Heb jij een favorietje?

  1. Met verschillende kinderen heb je ook gewoon een andere relatie. Pak nu mijn moeder. Zij zou nooooit ofte nimmer toegeven dat ik haar lievelingetje ben. En misschien is het ook effectief zo dat zij mij en mijn broer even graag ziet. Maar ja, ik ben een tetteraar gelijk zij, ik ben haar evenbeeld, ik ben haar vriendinnetje. Mijn broer is een kopieke van mijn papa, stil en zacht, lief maar een beetje introvert en moeilijk te peilen. Dus neigt ze meer naar mij in het dagelijkse leven, automatisch. Maar of dat hetzelfde is als een lievelingetje, dat weet ik niet…

  2. Ik kan in alle eerlijkheid zeggen dat geen van mijn twee kinderen mijn favorietje is. Ik heb twee ongelooflijk verschillende kinderen, zowel qua karakter als qua uiterlijk. En ik zie hen alletwee op een verschillende manier graag, maar wel even graag. Ze zijn beiden zo anders, maar geen van de twee heeft uitgesproken karaktertrekken die me irriteren. De uitgesproken karaktertrekken vind ik net fijn. Mijn zoon lijkt soms erg op mijn ex, maar niet in die mate dat het me stoort, omdat hij tegelijk ook helemaal anders is dan mijn ex. En ik zal het hem ook nooit zeggen, zo van ‘gij zijt sjuust uw vader gij’. ’t Is een zacht lieverdje. En mijn dochter is een pittige, onafhankelijke madam. En ’t zijn alletwee soms zagen op hun eigen manier. Grappig, hoe ze tegen mij kunnen bezig zijn, dat de ander zo zaagt. Maar ze zagen elk op hun eigen manier. Ach. Het zijn mijn twee scheetjes. Ook al zijn ze bijna 16 en bijna 18 🙂
    Nog eentje van die 5% dus. Echt waar.

  3. Moeilijk onderwerp om eerlijk over te zijn, vooral omdat ik toch vaak het gevoel krijg dat het zo fout is als ik eerlijk ben. Toen kleine broer pas geboren was, had ik wel degelijk een grote en duidelijke voorkeur voor grote broer. Had ik toen moeten kiezen, dan had ik dat gedaan, echt waar. Een goed half jaar later, was dat (gelukkig) wel over. Kleine broer had zijn plaatsje veroverd in mijn hart en heeft hetzelfde statuut behaald als zijn voorganger.

    En ja het is waar, grote broer heeft inderdaad veel meer van mij weg dan kleine broer, maar ik weet niet of het dat is. Ik denk eerder dat dat het voordeel van de eerste was en ook de leeftijd. Want eigenlijk vind ik nu kleine broer veel grappiger, maar dat komt omdat 2,5-jarigen gewoon super-grappig kunnen zijn met heel hun lichaam en heeft helemaal niets te maken met ‘graag zien’.

    Dus laat het een boodschap zijn voor alle mama’s met een tweede op komst. Je hoort altijd maar zeggen dat de angst om een tweede minder graag te zien onterecht is, maar ontkennen heeft ook geen zin. Heb je er geen last van, fijn voor jou. Maar gebeurt het wel, geef dat kleintje dan een beetje tijd en alles komt goed!

  4. Op dit moment kan ik me ook niet inbeelden dat ik het kleine ventje in mijn buik even graag zal zien als mijn dochter, maar toch weet ik ergens dat het wel zo zal zijn. Gelukkig maar. Maar ’t lijkt me een gek idee, voor nu.

  5. ik geloof dat de meesten inderdaad een lievelingetje hebben, maar dat velen dat niet van zichzelf zien of weten. vaak is het alleen voor buitenstaanders echt duidelijk. ik zou in ieder geval niet weten wie van mijn twee koters het liefst gezien wordt. ik ben zot van allebei.

  6. Ik zou het ook nie weten… ik zie ze beide even graag denk ik. Ze zijn zo verschillend. Ik moet meer bezig zijn met Maren omwille van haar handicap en gewoon ook omdat ze nog meer ‘verzorgd’ moet worden en dat geeft denk ik soms de indruk dat zij mijn favorietje is. maar ik kan zo genieten van de kwartiertjes per dag alleen met de zoon, van zijn fantastische humor, van hij die mij voorleest, ik loop over van liefde dan gewoon.. Moeilijke keuze dus die ik voorlopig niet kan maken…

  7. Iets om over na te denken inderdaad.
    95%?? Dat is heel veel. Rare studie alleszins, zeker als je de reacties hier ziet, ook al is dat verre van een voldoende grote steekproef natuurlijk 🙂

    Ik zie alle drie mijn dochters even graag. En volgens mij heb ik écht geen favorietje. Uiteraard ben ik, sterk afhankelijk van hun gedrag, soms eens liever bij de ene dan bij de andere. Zeker als de ene flink meewerkt en de andere alleen maar treuzelt en tegendraads doet. Maar dat wisselt hier van uur tot uur. Het is niet dat ik een van de drie liever heb dan de andere, absoluut niet.

    Misschien is het zo’n hoog cijfer omdat er naar grotere kinderen gekeken wordt en er dan misschien wel meer een favoriet ontwikkelt? Only the future will tell 🙂

  8. Een favorietje klinkt zo negatief. Ik zie mijn kinderen allevier heel graag, maar ik moet toch toegeven dat het leven met 2 van de 4 een pak gemakkelijker en fijner verloopt dan met de andere 2. We zijn vorig jaar, door omstandigheden, enkele dagen weg geweest met de 2 ‘gemakkelijke’ en er is geen enkele (echt waar, geen enkele) keer ruzie geweest. Geen spanningen, geen crisissen, geen drama’s, geen toestanden. Dat was een verademing en tegelijk heel confronterend. Zie ik de 2 ‘gemakkelijke’ dan liever? Ik denk het niet. Maar ik mis hen wel harder als ze er niet zijn, hoe erg ik het ook vind om dat te moeten toegeven.

  9. Ik heb daar ook al vaak over nagedacht. Soms denk ik dat de oudste mn favoriet is. Ze is voorlopig ook de enige die kan praten, en soms zegt ze de dingen net zoals ik het in mn hoofd had, en ze kan ook zo ongelooflijk grappig zijn, dat ik helemaal smelt van fierheid. Maar op een ander moment ben ik dan weer helemaal gecharmeerd door onze kleinste meid, kan ik intens genieten van haar geur, de manier waarop ze rustig om me ligt te slapen en elk moment dat ze weer iets nieuws heeft geleerd; Dan vraag ik me af of ik daar de eerste keer ook zo intens van genoot. Wisselende favorietjes dus. Maar gewoon ook zo verschillend dat je ze eigenlijk niet met elkaar kan vergelijken. Het is alsof vragen wie je het liefste ziet, je moeder of je vader. Al heb ik daar misschien toch wel een duidelijke favoriet maar de ander zie ik ook heel graag.
    Conclusie van de de dag, zolang je ze allemaal graag ziet is er volgens mij geen enkel probleem 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s