Gisteren op controle bij de NKO-arts. Hij gaf me groen licht om terug aan het werk te gaan. Maar ook al is mijn lichaam (bijna*) helemaal hersteld, mijn hoofd is er bijlange nog niet klaar voor. Het is jaren geleden dat ik nog zo heb kunnen genieten. Niets moest. Ik kon gewoon ongegeneerd lui zijn. Het voelde als de vakanties van weleer: de ongedwongenheid, het ont-moeten, de klok die trager tikt, het geruststellende vooruitzicht van dagenlang niets te hoeven doen.

Morgen terug aan de slag. Met heel veel tegenzin…

(*) Ik heb nog steeds pijn. Vooral bij het slikken en het praten. En mijn smaak is nog niet helemaal terug. Mijn rechterkant is de slechtste: daar straalt de pijn uit naar mijn oor. Maar we dragen ons lot waardig. Zonder die snoodaards van amandelen lijkt mijn bestaan plots veel rooskleuriger. Duizend keer dank aan de witte jas die me van die ondingen heeft verlost.

Tristan doet zotte dingen. Uit liefde. Zoals op mijn hoofd gaan liggen als ik nog slaap. Voor hem is het gewoon een dikke knuffel. Voor mij is het nogal adembenemend in de letterlijke zin van het woord.

Fotoshoot 152

Fotoshoot 151

Fotoshoot 150

Ik zou eraan kunnen wennen. Op ‘t gemakje opstaan. De geur van een mooie zomerdag in wording opsnuiven. Tristan uit zijn warme nestje plukken en klaarmaken voor een nieuwe dag. Mijn twee lieve mannen uitzwaaien tot ze helemaal aan het einde van de straat zijn en nog slechts een stipje groot zijn. De deur achter me dicht trekken en de vrijheid, de leegte voelen van de acht lange uren die zich voor me uitstrekken.  Als een lege puntzak die ik tot de rand mag vullen met de snoepjes die ik het lekkerst vind.

Ik gebruik het ‘ziek zijn’ als excuus om helemaal niets te doen in het huishouden. Verder houd ik me onledig met zalig nietsdoen. Dolce far niente. Lezen, muziek beluisteren, schrijven, dromen,… En dat allemaal liefst in horizontale positie: in bed, de hangmat, de sofa of de ligstoel. Ik ben ziek, nietwaar?

Ik heb me nog geen seconde verveeld. Deze twee lege weken zijn een welkome verpozing in de drukte van alledag. En een gelegenheid om in alle rust de dingen des levens te overdenken, plannen te maken en beslissingen te nemen. Meer van dat, graag. Liefst zonder de horror van operaties en hun gevolgen.

Tristan heeft het warm dezer dagen. Hij zweet zich te pletter. ’s Nachts slaapt hij in z’n blootje en nóg wordt hij badend in het zweet wakker. Zou zijn temperatuurregeling nog niet op punt staan?

Om overdag voor wat verkoeling te zorgen, hebben we een zwembadje op ons terras gezet. Da’s leuk om in te ploeteren als je oververhit bent. Maar als je nadien in je blote, natte voetjes over het terras fladdert, ga je wel eens tegen de vlakte. En met je leren schoentjes het water in, dat mag niet van moeder. Dus is Stefaan de stad ingetrokken met Tristan om sandaaltjes voor buiten. Sandaaltjes die nat en vuil mogen worden en tegen een stootje kunnen. ‘t Zijn Teva’tjes geworden. Kijk:

Ziek 015

Ziek 002

Ziek zijn heeft ook zo zijn leuke kanten. In het ziekenhuis kreeg ik een boeketje bloemen van mijn twee liefjes. En gisteren stond H. aan de deur met een boek. En Lien kwam onverwachts bloemen brengen. Wat ben ik toch een gelukzak, zo omringd worden door goede vrienden. Stuk voor stuk lieve, warme mensen. Dank ook aan jullie voor de beste wensen. Het doet me plezier dat jullie aan me denken, lieverds.

Verdorie. Dag vier was nochtans goed begonnen. Beetje wankel op de beentjes, dat wel. Maar ik kon het met één pijnstiller uithouden van 5 uur ’s morgens tot 4 u ’s middags. Ik dacht: ik ben genezen. En ik heb nog 11 mooie dagen ziekteverlof voor de boeg, wat is het leven mooi.

Te vroeg victorie gekraaid. Na het avondeten is de pijn in alle hevigheid teruggekeerd. En vandaag, dag vijf, ben ik met hevige pijn opgestaan. Pijnstillers helpen bijna niet. Ik zal dus toch nog wat geduld moeten oefenen :-(

Ik probeer ook zo weinig mogelijk te praten. Het voelt gewoon niet goed. Beetje vervelend met Tristan die verwacht dat ik boekjes voorlees of die af en toe met luide stem terechtgewezen moet worden. Gelukkig neemt Stefaan mijn taken maar al te graag over. Er is een toegewijde huisman aan hem verloren gegaan.

Volgende Pagina »