Mijn spuit is gezet. Twee dagen een zere arm gehad en ’s avonds wat misselijk geweest (ligt dat aan de spuit of aan de spruit?), maar verder geen last gehad. Blij dat het achter de rug is.

De weegschaal begint serieus naar de verkeerde kant over te hellen. Feestdagen en al, u kent het wel. Maar euh, het is geen goede evolutie. Na de vakantie eens wat bewegen. Zwemmen of zo. Of zwangerschapsyoga. Anders gaat ge mij kunnen rollen.

Misselijkheid is over. Vermoeidheid blijft, maar bijlange niet meer zo allesoverheersend. Ik heb nu suikerdipjes in de plaats.

16 weken en 2 dagen. En een wezentje in mijn buik dat geen schaamte kent voor de camera.  Lief verklapte op facebook dat het een jongetje wordt, dus heb ik geen reden meer om het hier nog te verzwijgen.

Tristan vindt het nogal leuk in de douche tegenwoordig. Hij is dan druk in de weer met zijn eendje, octopus en krokodillen, zijn gietertje en zijn lege flesje shampoo. We krijgen hem alleen met een belofte (boekje lezen, koekje,…) uit de douche. Tenzij zijn haar moet gewassen worden, dan schreeuwt hij moord en brand. Water op zijn hoofd, dat duldt hij niet. Maar water drinken van de sproeier, dat mag uren duren.

Kleine Nina. Twee jaar oud. Vol levenslust. Zoals elke tweejarige altijd op ontdekking. Altijd de wereld aan het verkennen.

Vorig weekend is Nina plots overleden. Twee jaar oud. Hoe onrechtvaardig. En hoe ondraaglijk het verdriet.

Nina is nog niet uit mijn gedachten geweest. En dat zal ze nooit zijn. Ik heb haar in mijn hart gesloten.

K. en K., ik denk aan jullie.

Tijdens Tristans eerste jaar in de crèche zaten we aan het front. Oorlog tegen de beestjes. Ons afweergeschut mocht niet baten, we kregen de volle lading. Tristan was om de vijf stappen ziek. Maar gelukkig is het waar wat ze zeggen: dat kindertjes door al dat ziek zijn toch heel wat weerstand opbouwen. In juli heeft Tristan de driedagenkoorts gehad en nu in december pas – bijna zes volle maanden later! – een nieuw, klein opstootje van één of andere virale infectie. Ik ga hier niet te luid schreeuwen hoe gezond onze jongen wel is, Murphy weetjewel, maar daarmee is de stelling toch bewezen.

Ik moest meevechten tegen de beestjes. In het eerste anderhalf jaar na Tristans geboorte heb ik acht angines gehad. Acht keer koorts en doodziek. Na lang twijfelen liet ik in juni mijn amandelen verwijderen en kijk (hout vasthouden): nu ben ik pas voor het eerst weer verkouden. Ik ben de dokter die de snoodaards plukte eeuwig dankbaar. Maar kom, laat ons realistisch zijn. Straks komt er een nummertje twee en raken we ongetwijfeld terug in een oorlogje verzeild. We gaan dus niet te vroeg victorie kraaien.

En nu zijt ge natuurlijk allemaal nieuwsgierig hoe het zit met:

  • de misselijkheid. Wel, véél erger dan bij Tristan. Ik ben de hele dag mottig. Het enige dat helpt is blijven eten. Parovita’s, rijstkoeken, maar ook wel eens rotzooi (meer dan me lief is). En van al dat eten krijgt ge een dikke kop.
  • de vermoeidheid. Het kind zuigt me leeg. Ik kan net genoeg energie opbrengen om te gaan werken, maar om 20u (als Tristan slaapt) gaat mijn lichtje uit. Werken en slapen, ’t is geen leven. Hoewel, van slapen komt er tegenwoordig ook niet veel in huis. Na het obligate nachtelijke plasje kan ik de slaap niet meer vatten. Of dan begin ik vreselijk onrustig te dromen. Als de wekker gaat ben ik helemaal uitgeteld. Geestig dat dat is.
  • de andere kwaaltjes. Bij Tristan veranderde mijn decolleté in een maanlandschap. Nu staat mijn gezicht vol pukkels en uitslag. Allesbehalve flatterend, that is. Uwen decolleté kunt ge nog verstoppen, maar ik kan toch moeilijk een zak over mijn kop trekken.
  • mijn buikske. Ik kan het niet meer wegsteken. Schoon bolleke al voor 14 weken.
  • toxoplasmose. Nog altijd niet immuun. Maar, ik ben nu toch wat nonchalanter met groentjes op restaurant bijvoorbeeld. Bij een tweede zwangerschap kunt ge precies beter relativeren.
  • cmv. “Voorzichtig met uw zoontje,” zei de gynaecoloog. “Handen goed wassen nadat je pampertjes hebt ververst. En opletten met speeksel.” Opletten met speeksel? Dat gaat dus niet, hé. Tristan niest in uw gezicht, snottert er op los en deelt besabbelde koekjes uit. ’t Is een welopgevoede jongen, hé. Enfin, ik hou mijn hart vast dat ik aan al dat gelebber geen cmv overhoud. Da’s nu zowat mijn grootste zorg. Dat en de….
  • Mexicaanse griep. Verwarring alom. De gynaecoloog zegt vaccineren vanaf 12 weken, de huisarts weigert te vaccineren vóór 15 weken, de influenzacoördinator van het ziekenhuis zegt dat vaccinatie veilig is vanaf dag 1 van de zwangerschap, influenza.be (officiële communicatie over de griep vanuit de overheid) zegt 15 weken. Dus, ik besluit het zekere voor het onzekere te nemen en me te laten vaccineren rond 15 weken. Gisteren op het nieuws: algemene oproep aan zwangeren. Laat u vaccineren vanaf het tweede trimester (want anders loopt het slecht af met u en uw kind)! Maar beste mensen van de overheid en de media, wanneer begint het tweede trimester officieel (in weken, bedoel ik dan)??? Iemand?
  • Tristan. ’t Kind is zich nog van geen kwaad bewust. We kopen ten gepaste tijde wel een boekje om hem voor te bereiden op de komst van zijn concurrent. Ondertussen blijven we hem platknuffelen.
  • namen. We wachten nog even tot we met zekerheid het geslacht kennen. Als het een jongetje wordt, staat de T-naam nog steeds hoog aangeschreven. Als het een meisje wordt, zullen er nog heftige discussies volgen (wegens com-pleet andere smaak).

31 vandaag. Ook wel 3 + 1 voor de goede verstaanders.

Volgende Pagina »